Vrij Slinks

Ik was gisteravond uitgenodigd om kritiek te komen leveren op een manifest met de titel Vrij Links.

De auteurs van het manifest – Asis Aynan, Eddy Terstall, Keklik Yücel, Femke Lakerveld – hielden een pleidooi voor het secularisme, en stelden dat links terug moest naar haar progressieve, seculiere en vrijzinnige wortels. Ze bepleiten een ‘neutraal maatschappelijk speelveld voor alle ideeën en opvattingen’.

In principe een lovenswaardig ideaal dat velen zullen onderschrijven. Maar zoals bijna altijd geldt ook hier: the devil is in the details.

De auteurs positioneren zich in de openingsregels van hun manifest tussen ‘nationalistisch rechts’ en ‘regressief links’, en verklaren zich een tegenstander van het groepsdenken van beide kampen.

Wat hier onvermeld blijft, is dat er in Nederland een toonaangevende traditie van secularisme is, die sterk verweven is met ‘nationalistisch rechts’. De namen van Paul Cliteur, Hirsi Ali en Pim Fortuyn zijn hieraan verbonden. Bovenal Paul Cliteur, voorzitter van het wetenschappelijk bureau van Forum voor Democratie, heeft de afgelopen decennia dit verhaal uitgedragen in Nederland.

Een rechtse traditie van secularisme

Wat deze rechtse traditie voorstaat, is niet zozeer een neutraal maatschappelijk speelveld voor alle ideeën en opvattingen. Het gaat hun erom de invloed van religie in het publieke domein – en dan vooral de islam – te bestrijden. Fortuyn pleitte voor een Koude Oorlog tegen de islam, een ideologische strijd die gevoerd zou moeten worden met het woord als wapen. Ayaan Hirsi Ali stelde dat zich een onverzoenbare botsing der beschavingen voordeed, en dat moslims middels een publieke ideeënstrijd overtuigd zouden moeten worden om hun religie achter zich te laten. Paul Cliteur sprak over het uitzetten van moslims in een berucht debat dat eveneens in De Balie plaatsvond, en suggereerde zijn wel erg openlijk intolerante gesprekspartners dat men ‘voorzichtiger kan beginnen’.

Deze stroming beroept zich op het vrije woord en het open debat maar daar is iets geks mee aan de hand. Geert Wilders en Hirsi Ali pleitten in een gezamenlijk geschreven opiniestuk getiteld ‘Het is tijd voor een liberale jihad’ voor het opschorten van de vrijheid van meningsuiting en de vrijheid van religie van bepaalde groepen moslims, om de islam beter te kunnen bestrijden. Het vrije woord, vrijzinnigheid en vrijheid van geweten lijken voor hen bovenal gelijk te staan met de strijd tegen de islam.

In de islamkritiek van Cliteur, Fortuyn en Hirsi Ali worden de fundamentalistische stromingen binnen de islam gelijkgesteld met de religie als zodanig. Het fundamentalisme is in hun ogen geen extreme interpretatie, die in werkelijkheid afgewezen wordt door de moslim mainstream. Nee, de fundamentalisten hebben gewoon gelijk als zij zich beroepen op de Koran. De islam is inherent gewelddadig, expansionistisch en intolerant tegen andersdenkenden en moet daarom fel bestreden worden. Dit anti-islam denken is een voorname bron van intolerantie en discriminatie ten opzichte van moslims in Nederland. Het is ook een contraproductief geluid als je fundamentalisme daadwerkelijk wil bestrijden.

Deze stroming beroept zich op vrijzinnigheid en secularisme maar in werkelijkheid is deze stroming niet zo vrijzinnig, en eigenlijk ook niet zo seculier. Tenminste, als we met de term seculier een samenleving bedoelen waar iedereen zijn (religieuze of non-religieuze) identiteit kan beleven zonder het slachtoffer te worden van intolerantie. Waar je moslim kan zijn zonder het doelwit te worden van een Koude Oorlog die voorgestaan wordt door de vaandeldragers van het Vrije Woord.

Vrij Links en Vrij Rechts

Mijn vraag aan de auteurs van het manifest was dan ook hoe zij zich denken te verhouden tot deze rechtse traditie van secularisme, die de facto beter als new atheism beschreven kan worden. Als de auteurs hun secularisme hadden afgegrensd van deze intolerante vorm van islamkritiek, had ik ze graag de hand geschud.

Het leek mij een relevante vraag. Wat maakt hun manifest nou vrij links, in tegenstelling tot de vrij rechtse anti-islam politiek van Cliteur, Hirsi Ali en Fortuyn?

Wie het Vrij Links manifest goed leest, bekruipt namelijk het vermoeden dat het de auteurs om een zeer vergelijkbare principiële bestrijding van de islam te doen is. De concessies aan de protestanten en de katholieken konden we nog bolwerken, zo stelt het manifest, het zouden de “grote demografische veranderingen, vooral in de grote steden” zijn die onze vrijheid bedreigen. Daarmee zullen ze zeker geen streng gereformeerden bedoelen. De focus ligt in het manifest op de “niet-westerse Nederlanders” die bekritiseerd moeten worden via een “vreedzame strijd van ideeën”. Het is hun “conservatieve religieuze wereldbeeld”, dat volgens de auteurs een bedreiging zou vormen voor onze progressieve waarden.

Eddy Terstall schoot gelijk in een kramp en weigerde antwoord te geven op mijn vraag. De zaal begon hard te joelen en boe te roepen omdat ik die vraag alleen al durfde te stellen. Veel vaandeldragers van het vrije woord waren op de avond afgekomen, vastbesloten om van hun meningsvrijheid gebruik te maken. Prominent aanwezig waren rechtse usual suspects als Bart Nijman van GeenStijl, Wierd Duk van de Telegraaf, Yernaz Ramautarsing van Forum voor Democratie en de komiek en islamcriticus Hans Teeuwen (allen behoren tot de vriendenkring van Eddy Terstall, zo verzekerde Wierd Duk mij trots op Twitter).

Keklik Yücel antwoordde dat de samenleving ernaar snakte dat links en rechts eindelijk gezamenlijk op zouden komen voor onze vrijheid. Overdonderend applaus vanuit de zaal volgde. Wat zij daarmee bedoelde, zo bleek in het debat, is dat zij vond dat rechts (Pim Fortuyn) gewoon gelijk had.

Ik was uitgenodigd, samen met Mounir Samuel, om kritiek te leveren op het manifest. Alleen werd dat door de joelende zaal en de moderator niet zo op prijs gesteld. De moderator Naeeda Aurangzeb, zo bleek tijdens het debat, was zelf een partij in de discussie. Ze kapte mij en Mounir voortdurend af en eindigde met een column over hoe ze van haar geloof was gevallen.

De climax van de avond was de afsluiting door Haras Rafiq, die het gebeuren mocht samenvatten. Hij maakte van de gelegenheid gebruik om mij en Mounir nog eens grondig af te zeiken, zonder dat wij enig weerwoord kregen. Islamofobie (een woord dat noch ik, noch Mounir gebruikt had) bestaat niet, stelde hij fel. Weer barstte de zaal los in een vreugdevol en overdonderend applaus.

Rafiq stond niet op het officiële programma. Maar dit was duidelijk vooraf zo afgesproken door de organisatie. De moderator Naeeda Aurangzeb was op demonstratieve wijze aan het schaterlachen terwijl Haras Rafiq ons de maat nam. Ik was me er bewust van dat ik een uitwedstrijd zou spelen, maar normaal gaat dat toch gepaard met enig respect naar de genodigden toe. Nodig dan geen critici uit, zou ik zeggen. Een klappende zaal – blij met het eigen gelijk – volstaat.

Een transversaal links

Laat ik afsluiten met de vaststelling dat de linkse traditie zeker niet eenduidig anti-religieus is in Nederland. Troelstra, de grondlegger van de sociaaldemocratie, verklaarde zich bereid om ‘het zware eikenhouten kruis van de Christus op zich te nemen’. Hij keek uit naar een maatschappij ‘die op de wetten van Christus gebouwd is, op broederschap en liefde’ en naar ‘een socialistische wereld waar niet het elk-voor-zich-zelf, maar het elk-voor-het-algemeen vooropstaat.’ Banning, oprichter van de naoorlogse PvdA, was een theoloog en een dominee. De doorbraak draaide erom christelijke arbeiders bij de partij te betrekken.

De linkse politiek heeft haar emancipatieagenda altijd voorgestaan op transversale wijze, dwars door de religies heen. Niet door zich pontificaal tegen religie te keren, maar door zich te verbinden met progressieve tendensen binnen religies. Waar we op dit moment behoefte aan hebben is een transversaal en universalistisch links dat allerlei identiteiten kan binden in een emancipatoir project. Daar draagt dit manifest helaas niet aan bij.

Waarom zou links – na de grootste financiële crisis sinds de jaren dertig waarvan de rekening door onder andere de PvdA is afgewenteld op gewone burgers – weer terug in de tijd moeten naar het islamdebat uit 2002? Dat gaat de crisis van links niet verhelpen. Sterker nog, het overnemen van het rechtse anti-islam verhaal is juist een symptoom van die crisis.

In hun satirische prof. dr. ir. J.H. het Mannetje-lezing uit 1982 introduceerden Van Kooten en De Bie de term “slinks” om een politiek mee aan te duiden die enkel nog in naam links is.

De benaming Vrij Slinks lijkt me toepasselijk voor dit nieuwe initiatief.