Home

Dijsselbloem werd deze week geïnterviewd door het Financieel Dagblad. Het interview is bovenal interessant omdat er nog steeds niet het begin van een analyse ligt van de dramatische verkiezingsuitslag. Daardoor is het voorlopig nog een beetje gissen naar de nieuwe lijn van de partijtop aan de hand van dit soort interviews. Dijsselbloem gelooft nog steeds dat de PvdA weinig verkeerd heeft gedaan, wat lijkt te impliceren dat er geen koersverandering op til is:

‘Ik vind nog steeds dat wat we gedaan hebben, noodzakelijk was. Verantwoord en goed voor Nederland. Maar we zijn er als PvdA in tekortgeschoten dat we onze achterban er niet in hebben kunnen meenemen. Die zijn we ergens kwijtgeraakt.’

We hebben het niet goed gecommuniceerd. Het is de aloude lijn van politici die weigeren het eigen beleid ter discussie te stellen. Het is opmerkelijk hoe weinig debat er is over de grootste electorale klap in de hele geschiedenis van de partij. Daarnaast vond ik vooral deze alinea opvallend:

Dijsselbloem zegt te hopen dat een volgende regering niet alleen aan de slag gaat met leuke dingen. Het houdbaarheidsoverschot dat laat zien of de verzorgingsstaat op lange termijn betaalbaar blijft, komt in 2021 uit op €3,5 mrd. Een kabinet heeft volgens Dijsselbloem eerder tot taak om dat te vergroten dan om het te besteden. ‘Pas als je dat doet, mag je ook een deel daarvan inzetten voor leuke dingen.’

Hier zien we een aanname die typisch is voor de sociaal-liberale lijn van de partijtop. Overheidsbestedingen zijn ‘leuke dingen’, extraatjes die alleen legitiem zijn in tijden van overvloed. Deze sociaal-liberale visie op de economie werd pregnant verwoord door PvdA-econoom Rick van der Ploeg in zijn oratie uit het begin van de jaren negentig:

Veel beleidsmaatregelen zijn goedbedoeld en pogen de positie van de zwakkeren te verbeteren. Helaas wordt vaak over het hoofd gezien dat dergelijke maatregelen een efficiënte werking van de markt verstoren. Aan het ethisch principe van rechtvaardigheid zit nu eenmaal een prijskaartje. […] Het gebruiken van verstorende belastingen voor een betere verdeling van de welvaart leidt onvermijdelijk tot efficiëntieverliezen en een lagere totale welvaart. […]

Sociale maatregelen die de koek eerlijker proberen te verdelen, zoals een werkloosheidsuitkering, leiden in de praktijk dus bijna altijd tot een kleinere nationale koek. […] Voor politici met linkse preferenties zal de doelstelling van eerlijk delen doorslaggevend zijn, terwijl bij rechtse politici efficiëntieoverwegingen zwaarder zullen wegen. Men moet zich goed realiseren dat bijna altijd tussen deze twee doelstellingen gekozen moet worden.

Efficiëntie en sociale rechtvaardigheid worden hier voorgesteld als een zero-sum game. Onder verwijzing naar Chicago School economen als Milton Friedman neemt Rick van der Ploeg aan dat er zowat geen hefboomeffect optreedt bij overheidsuitgaven. In andere woorden: geld dat door de overheid wordt uitgegeven heeft geen extra stimulerend effect als de ontvanger het op zijn beurt weer uitgeeft.

Sociale voorzieningen en herverdeling leiden daardoor altijd tot een kleiner nationaal inkomen. Sociaaldemocratisch beleid is alleen mogelijk als extraatje, als neoliberale efficiëntie het mogelijk maakt sociaaldemocratische luxe te financieren. Dat is de opvatting die de PvdA-top omarmde in de jaren negentig als onderdeel van de Derde Weg. Het is niet neoliberalisme tout court maar met een rood randje.

Deze ideologische vooraanname fungeert als fundamentele rem op sociaaldemocratisch beleid. Het plaatst de linkse politiek op een structurele achterstand ten opzichte van rechts, de partij van de efficiëntie. Dergelijke visies worden bijna nimmer als zodanig bediscussieerd of benoemd in de Nederlandse politiek. De PvdA heeft deze rechtse visie op de economie omarmd en vervolgens gedepolitiseerd. De economie is overgelaten aan technocraten, opgeleid met dezelfde marktgerichte visie als Van der Ploeg, en is zo buiten het democratisch debat geplaatst.

Er zijn veel economen die Van der Ploegs stelling verwerpen. De eens zo dominante marktgerichte visie is steeds meer onderwerp van debat binnen de economische wetenschap. Zo gaat het neo-keynesiaanse kamp (economen als Stiglitz, Krugman en Wilkinson) ervan uit dat herverdeling in sommige gevallen juist efficiënter is. Arme mensen geven meer van hun geld uit dan rijke mensen, wat goed is voor de economie. Ongelijkheid heeft allerlei schadelijke neveneffecten op de maatschappij. Verder zijn overheidsinvesteringen in onderwijs en infrastructuur op lange termijn renderend en moeten ze niet tot de ‘leuke dingen’ worden gerekend.

Denk ook aan de overheidsinvesteringen in de energietransitie die noodzakelijk zijn om de opwarming van onze planeet af te remmen. Dijsselbloem heeft zich daar op bekende wijze over uitgesproken, hier opgetekend door Tom Jan Meeus van NRC:

Ik hoorde Jeroen Dijsselbloem, een dag voordat de Duitsers hem afserveerden, deze week in een debatje opmerken dat „de markt” het beste instrument is om milieuvriendelijkheid te bereiken. „Overheidsbemoeienis heeft duurzaamheid de laatste jaren eerder geremd”, zei hij. Met zulke PvdA’ers heb je op den duur geen VVD’ers meer nodig.

Tenslotte stelt recent IMF-onderzoek dat het hefboomeffect in tijden van crisis veel groter is dan tot nu toe gedacht, en dat daarom snijden in overheidsuitgaven tijdens een crisis contraproductief is. Daar kan Dijsselbloem misschien ook iets van opsteken als hij zijn beleid van de afgelopen jaren evalueert.

Als de PvdA weer wil terugkeren naar de sociaaldemocratische koers die ze in de jaren negentig verlaten heeft, dan zal zij een kritisch licht moeten werpen op de economische aannames waarop zij haar ideeën de afgelopen vijfentwintig jaar gestoeld heeft. Dan is het nodig om het debat over de economie weer te politiseren om het zo onderwerp te maken van democratische politiek.

4 thoughts on “De ‘leuke dingen’ van Dijssel­bloem

  1. Helaas ontbreekt de consistentie in dit betoog, bijvoorbeeld als gesteld wordt dat het post-keynesiaanse kamp ervan uitgaat dat herverdeling in sommige gevallen juist efficiënter is. In zekere zin lijkt het slechts de bedoeling om het neo-liberale model te verbeteren door enige correcties toe te passen.

    De vraag die aan dit verhaal vooraf behoort te gaan is, wat het doel is en hoe je die gewenste efficiëntie kunt meten. De principiële fout die neo-liberale politici en economen al dan niet moedwillig steevast maken is, dat niet expliciet wordt gesteld dat het doel is om zoveel mogelijk geld te verdienen en dat efficiëntie daarbij eveneens in geld wordt uitgedrukt. Alsof het erom gaat zoveel mogelijk kilometers af te leggen, ongeacht waarheen, zolang het maar zo snel mogelijk is.

    Alleen kun je geld niet eten, dus wat heb je er aan: geld is een middel, geen doel. En zou je efficiëntie daarentegen formuleren als de manier waarop zo min mogelijk aanspraak wordt gemaakt op de natuurlijke hulpbronnen, dan zag de rekensom er heel anders uit, zelfs als je dit in geld zou uitdrukken.

    Lui als ik ben meet ik zelf bijvoorbeeld mijn efficiëntie veel liever af aan de vrije tijd die ik overhoudt nadat ik in mijn basisbehoeftes heb voorzien en het bijkomende gevolg is dat mijn ecologische voetafdruk daardoor ook nog eens aanmerkelijk afneemt.

    Er zijn kortom vele manieren om efficiëntie te meten, afhankelijk van het gestelde doel en het is juist daarom dat het neo-liberale economische model niet deugt. De snelste manier om de beschikbare middelen te verbruiken kan niet het doel zijn, terwijl de manier waarop “welvaart” wordt uitgedrukt juist wel op basis van die parameter gebeurt, in casu de hoeveelheid geld die dat oplevert.

    Een andere reden dat deze denkwijze niet deugt hangt samen met de structuur van ons economisch model, dat onherroepelijk tot gevolg heeft dat het verschil tussen arm en rijk steeds toeneemt. Binnen deze denkwijze bestaat er feitelijk maar 1 manier om dat enigszins te corrigeren en dat is via het heffen van belastingen, om op die manier een herverdeling te bewerkstelligen.

    Goed beschouwd heeft de sociaal-democratie ons in dit opzicht in de afgelopen 100 jaar geen stap verder geholpen. Het is weliswaar zo dat dat in Nederland de verdeelsleutel in de loop van die 100 jaar verbeterd is in het voordeel van het werkende deel van de bevolking, maar daaraan liggen humanistische argumenten ten grondslag en geen economische, al houden partijen als de PvdA graag de schijn op dat dat wel zo is.

    De economische vraag waar het om draait is, hoe je de economie zo zou kunnen inrichten dat het verschil tussen arm en rijk niet steeds groter wordt, zonder dat het resultaat achteraf door een kunstgreep als belastingen moet worden gecorrigeerd. Belasting hoort de bijdrage tot een gemeenschappelijk doel te zijn, zoals infrastructuur of gezondheidszorg en geen correctief economisch instrument. Zouden economen wetenschappelijk denken op de manier waarop een wiskundige of natuurkundige dat doet, dan zouden alle haren gelijk recht overeind gaan staan en alle vakbroeders nu druk op zoek zijn naar de steen der wijzen.

    Een ander argument dat niet deugt is, dat de vooruitgang wordt toegeschreven aan een economisch model dat gebaseerd is op concurrentie. In werkelijkheid gaat het slechts om een organisatiemodel dat door de heersende klasse wordt gebruikt om de onderlinge verdeeldheid in stand te houden. De vooruitgang is op de eerste plaats te danken aan de voortschrijdende techniek.

    Mogelijk, of zelfs waarschijnlijk, zou een coöperatief model sneller tot vooruitgang leiden. Tenslotte wordt de grootste vooruitgang in de kortst mogelijke tijd geboekt in tijden van oorlog, als de onderlinge verschillen aan de kant worden gezet ten behoeve van de gezamenlijke strijd tegen een gemeenschappelijke vijand.

    De PvdA moet helemaal niet willen terugkeren naar de sociaaldemocratische koers die ze in de jaren negentig verlaten heeft en nog veel minder moet men vasthouden aan de huidige neo-liberale illusie. Het is integendeel de hoogste tijd om al die premisses waar als vanzelfsprekend van werd uitgegaan eens tegen het licht te houden om ze op hun geldigheid te onderzoeken.

    Het zorgelijkste van de hele situatie is nog wel dat een diplomaloze boerenlul als ik academici zoals jullie de oren moet wassen vanwege de onzuiverheid van denken bij het kiezen van de uitgangspunten en het gebrek aan logica bij de uitwerking van politieke standpunten.

    Geen wonder dat links in het slop zit.

  2. Goed stuk, maar let op: Krugman en Stiglitz zijn absoluut geen post-Keynesianen! Denk eerder aan mensen als Steve Keen, Hyman Minsky en James Galbraith. Wat herverdeling betreft: post-Keynesianen maken onderscheid tussen ‘functionele’ en ‘persoonlijke’ inkomensverdeling. Het eerste slaat op de verdeling tussen inkomen uit arbeid en inkomen uit winst (grofweg), het tweede op de verdeling tussen individuen. Een gelijkere verdeling tussen individuen wordt vrijwel altijd als positief voor effectieve vraag gezien (om de in het stuk genoemde reden); het effect van herverdeling van winst naar loon hangt af van een reeks economische variabelen. Verder worden hogere lonen vaak ook als positief gezien als het gaat om productiviteitsgroei. Nieuw Keynesianen als Krugman zien deze dingen heel anders en geloven in essentie dat elk ‘overheidsingrijpen’ de markt verstoort. Vandaar dat Krugman ook fel tegen het programma van Bernie Sanders was, want ook voor hem is marktwerking (bijvoorbeeld in de zorg) heilig. Wel zijn nieuw Keynesianen als Krugman vaak voor het op de korte termijn stabiliseren van de economie en voor enige vorm van herverdeling om kansen voor iedereen mogelijk te maken, opdat de beroepsbevolking van ‘hoge kwaliteit’ is. Dijsselbloem, van der Ploeg, Krugman en Stiglitz geloven allemaal in dezelfde economische theorie: de neoklassieke. Tussen hen bestaan slechts accentverschillen als het gaat om stabilisering en herverdeling.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s