Home

In de Vrij Nederland van deze week staat een artikel van Stephan Sanders over de fotografie van Robert Mapplethorpe en het raciale taboe. Sanders komt er vijfendertig jaar later pas achter dat het werk van Robert Mapplethorpe een raciale lading heeft. Ik vermoed dat hij ergens in 2040 de financiële sector als een thema zal gaan ontdekken.

De kern van Sanders betoog is dat Mapplethorpe’s fotografie – veelal naakte zwarte lichamen – vandaag de dag niet meer zou kunnen, omdat er een raciaal taboe is ontstaan, net zoals deze fotografie toentertijd schokkend was vanwege een seksueel taboe. Dit idee van een raciaal taboe, plaatst de antiracisten in het kamp van de verdedigers van het taboe en geeft Mapplethorpe de klassieke taboedoorbrekende rol van de kunstenaar. De antiracisten zijn dus “preuts” op raciaal gebied.

Wat mooi te zien is bij Stephan Sanders, is hoe progressieve ideeën uit de seksuele revolutie van de jaren zestig en zeventig – de nadruk op bevrijding uit het keurslijf en het doorbreken van taboes – doorwerkt in een rechts, fortuynistisch discours, van vrijuit kunnen spreken over multiculturalisme en raciale kwesties. Gewoon jezelf kunnen zijn. Lekker grappen maken over het seksuele kunnen van Surinamers en over moslims met schapen op het balkon.

Natuurlijk is de transformatie die Sanders opvoert van seksueel naar raciaal taboe niet helemaal consistent. De anti-zwarte piet activisten zijn juist degenen die een taboe bespreekbaar willen maken: het bestaan van racisme in Nederland. Het gaat er juist om het gesprek op gang te brengen, niet om dat stil te leggen. Wat het fortuynistische discours typisch doet, is elke vorm van kritiek presenteren als een vorm van censuur. Bekritiseer je iets als racistisch of seksistisch, dan wil je niet dingen bespreken, dan wil je mensen de mond snoeren. Vrijheid van meningsuiting!, zegt men dan.

Zo slaat het fortuynistische discours uiteindelijk om in zijn tegendeel: als alles vrijuit gezegd moet kunnen worden, zonder dat mensen het ongemak ervaren van racisme of seksisme beschuldigd te worden, want kritiek is tenslotte een vorm van censuur, dan is er een nieuw taboe ontstaan. Een taboe op het bespreken van racisme en seksisme.

Voor wie trouwens een goede kritiek van het werk van Mapplethorpe wil lezen (nee, het is geen oproep tot censuur), zie het beroemde essay van Kobena Mercer: http://detfynskekunstakademi.dk/…/Kobena-Mercer_Reading-Rac…

One thought on “Robert Mapplethorpe en het raciale taboe

  1. Het enige punt van kritiek dat ik heb op de inhoud van dit stuk is, dat er niet zozeer een taboe is ontstaan op het bespreken van racisme maar dit taboe er altijd al is geweest. In ieder geval, zolang ik mij kan herinneren is het (ook in Nederland) nooit salonfähig geweest om racisme zoals het zich in de realiteit van alledag, laat staan in relatie met een (witte) toehoorder voordoet, te duiden. Gedrag van een persoon duiden als racisme wordt opgevat als een aanval op de gehele persoonlijkheid, in feite het wezen van de persoon alszodanig.
    Ik hamer er bij diverse feministes (zwart en wit) al vaker op dat de combinatie van sexisme en racisme waar zwarte vrouwen tegen aan lopen niet per definitie uniek is ( zwarte vrouwen geven aan vaak negatief/neerbuigend gedrag niet altijd te kunnen herleiden naar racisme of sexisme) maar dat zwarte mannen (ik wijs maar even op het artikel van de VIVA) er net zo goed last van hebben. Daarentegen is het weer wel een feit dat zwarte vrouwen in veel opzichten of op bepaalde punten kwetsbaarder zijn dan zwarte mannen.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s